zaterdag 25 maart
We worden opgehaald om 10.30
door Han Travel met een lang niet vol busje waarin we met zes mensen naar de
Camaron Highlands reizen. Daarvoor lopen we nog op en neer naar de stad om geld
te trekken voor de tocht naar het binnenland. We gaan nu dus over de grote brug
naar het vasteland. De wegen zijn prima, eerst is het nog vlak ruim 2/3 van de
tocht, maar dan wordt het heel bergachtig tot boven de 1500 m, als we hoger
komen, begint het te regenen. Het is een mooie tocht tussen de bergen door. Echter
zodra we in de buurt van de Cameron Highlands komen, schrikken we: we zien
helemaal geen theeplantages, alleen maar bergen en heuvels waar eindeloos veel
met plastic overdekte kassen de horizon vervuilen. Geen gezicht. En dat wordt
nog verergerd door de hoge flats die er overal tussen staan. Later zal blijken
dat er ook nog mooie heuvels zijn, maar dit is erg industrieel. Wel goed voor
de streek, want er wordt gigantisch veel groente verbouwd, de groenten en fruit
doet het hier goed op deze hoogte en Kuala Lumpur is een geweldig afzet gebied.
de wegen zijn prima, een groot deel vierbaans.
Reclame in een islamitisch land
met plastic overdekte kassen
kassen
kassen
allemaal flats met bergen als achtergrond, het lijkt net Zwitserland
Om half drie zijn we bij ons
verblijf “Fathers Guesthouse” in Tanah Rata, Pahang, gelegen op 40,
28’, 6” NB en 1010, 22’, 35” OL, op 1440 m hoogte. Een echt
backpackers guesthouse. Hadden we al eerder, maar hier doet het veel meer als
een backpackerhotel aan: kleine kamers en dorms, dus zit iedereen op terras,
bank en aan tafel buiten of binnen, veel uitwisseling over prijzen en plaatsen.
Ja en ook de outfit, moeilijk uit te leggen: lubberende shirts,
olifantenbroeken, zeer blote bloesjes. We constateren dat, verder is het prima,
we hebben ook leuke gesprekjes. Heel veel Nederlanders trouwens hier en straks
in de volgende plaats Taman Negara.
Fathers Guesthouse: prachtig
uitzicht vanaf het terras boven op
mooie varens, dien ons direct aan Nieuw
Zeeeland doen denken
Het blijft regenen, we doen een poging
tot wandelen als het wat minder wordt. Maar al gauw gaan we rechtsomkeert en we
eten in Guesthouse.
zondag 26 maart
De besproken toer vertrekt met
zes mensen om negen uur, dus we doen rustig aan met een ontbijtje in het
restaurant. De toer is langs een aantal kleinere bezienswaardigheden, die niet
zo super maar wel leuk zijn en de hoofdmoot is de excursie naar de
theeplantages en de theefabriek.
De eerste stop is een bloemenfarm.
Tot hoog boven in de heuvels teelt men bloemen. De farm die wij bezoeken is
vooral voor toeristen, er wordt niet veel voor de verkoop verbouwd.
Direct daarna een vlinderfarm.
Hele grote mooie vlinders. Ze worden in het bos gevangen en dan hier neergezet.
vlinder
Een bijenfarm, rijtje
bijenkisten waar we doorlopen, met zicht op de heuvels en op de gebouwen.
En dan naar de theeplantages met
theehuis en theefabriek. Werkelijk ieder plekje van de heuvels is benut voor
deze plantages. De thee is van de “BOH plantation”, een hele grote. Er is een
theefabriek te bezichtigen waar je de machines van de drie fasen van het
thee-maak-proces ziet. In de eerste stap wordt de thee “gerold” tussen twee
platen met als doel dat de blaadjes worden gebroken. Nadat de blaadjes zijn
gebroken wordt het fermenteren ingezet, dit duurt ca. 20 dagen. Tot slot wordt
de thee gedroogd en gesorteerd.
Aan het eind nog een aardbeien tuinderij.
Op lange smalle tafels liggen in de lengte de zakken met aarde waarin per
aardbeienplant een opening is gemaakt. Via een zgn. druppel irrigatie systeem
worden de planten voorzien van water en voedingstoffen. Het geheel ziet er zeer
kunstmatig uit. Het is hier een echt aardbeienland, gigantisch veel tuinderijen
voor deze heerlijke vrucht. En overal reclame. We kopen aardbeien voor het
ontbijt en Geer drinkt een verrukkelijk beker met vers aardbeien sap.
En tot slot een stop bij een Chinese
tempel waarbij de voorouder verering weer heel duidelijk te zien is.
Lunch op de kamer met noodles. Later
op de middag doen we boodschappen en een deel van wandeling nr. 10. Die blijft
vrij dicht bij de bebouwde kom, maar is wel helemaal in het bos. Het is flink
klimmen en dan begint het te onweren. Zijn we op de helft? Hoe ziet het tweede
deel er uit als het gaat regenen zoals gisteren? We besluiten geen risico te
nemen en om te keren. We ontdekken later dat we waarschijnlijk de wandeling
bijna klaar hadden toen we omkeerden.
We eten lekker bij een Chinees
restaurant in het dorp.























Geen opmerkingen:
Een reactie posten