09 Mandalay - Pyin Oo Lwin - Hsipaw
woensdag 25 en donderdag 26 januari
De komende week zullen we in de
Shan-provincie verblijven, 140 a 160 km ten noordoosten van Mandalay, in de
smalle strook van de Shan-provincie waar het geoorloofd is te reizen. De rest
is “restricted area”: in 1964 is er een rebellie van het Shan Staat leger,
waarop het antwoord van Generaal Newin is alle deuren voor het westen stevig
dicht te houden. Veel Shan mensen zijn naar Thailand gevlucht.
De Shan wonen zeker al sinds de
10e eeuw in het oosten van Myanmar en zijn cultureel en qua taal
nauw verwant aan de Tai. In de tijd dat de Shan staat nog onafhankelijk was,
was Hsipaw de hoofdstad.
woensdag 25 januari
Om 8.15 vetrekken we per taxi vanuit Mandalay per auto naar Pyin Oo Lwin.
Het oorspronkelijke plan was om 2 dagen met de trein te reizen, vandaag naar Pyin Oo Lwin en morgen naar Hsipaw. Dat betekende om 4:00 uur vertrekken en om 7:30 uur aankomen. Vroeg opstaan is prima, maar het betekent ruim de helft van de tijd in het donker reizen. Daarom volgen we het advies van gids Jude om per auto naar Pyin Oo Lwin te gaan en onderweg nog enkele dingen te bekijken.
Even buiten Mandalay een stop bij de bloemen retail markt. Met enorme pakketten worden de bloemen, meest witte, gele en donkerrode chrysanten aangevoerd, vooral vanuit Pyin Oo Lwin en omgeving (Pyin Oo Lwin ligt op 1000 meter hoogte dus koeler). De dag erop in de trein komen we langs die bloemenvelden. De bloemist-kopers nemen hun waar mee naar de markten van Mandalay. We maken een korte ronde en gaan weer verder, behoorlijk de heuvels in.
bloemen retail
markt, vooral chrysanten
Ruim voor Pyin Oo Lwin passeren we een leger opleidingscentrum. Bij de ingang staan drie vroegere belangrijke generaals afgebeeld en daarnaast een duidelijke plaketten met de tekst: “The Triumphant Elite of The Future”. Er is in deze omgeving veel van de legertop gelegerd. Dit is een gewoonte die van de Britse bezetter is overgenomen, zie verder. De Britten bouwde hier 920 officiële overheidsgebouwen.
Pyin Oo Lwin ligt 65 km ten oosten van Mandalay, op 1070 m hoogte. Het staat bekend om z’n aangenaam koele klimaat. De bestuurders, de Gouverneur van Birma en het establishment van Brits Burma vertoeft hier vanaf 1900 in de zomer, om de hitte van Mandalay en Yangon te ontvluchten. Volgens de Rough Guide leven in het centrum nu grote etnische gemeenschappen uit India en Nepal, de afstammelingen van de soldaten en arbeiders die voor de Britten werkten.
Vlak voor het stadje bekijken we het Goeverneurshuis, gebouwd in 1903. In WO II is het vernield en in 2005 weer opgebouwd volgens het originele stramien. Het wordt nu door de Htoo-groep gerund[1], kamers voor heel veel geld te huur. Een imposant koloniaal gebouw in geheel Engelse vakwerk stijl.
[1] De Htoo groep behoort tot de zgn. Cronies, minder dan 20 zakenlieden en hun families die een groot deel van de rijkdom en economie in Myanmar beheersen. Tijdens de jaren van het militaire bewind sluiten ze een overeenkomst waarbij ze in ruil voor steun en diensten aan het regime, gunstige contracten en import licensies verkrijgen. Ze zijn onderhevig aan sancties van US en Europa. (p.315 RG)
Pyin Oo Lwin is een oase van
groen en heerlijke temperatuur. Het is ruim opgezet en de buitenwijken ademen
rust.
Een aantal uren brengen we door
in de botanische tuin, de National Kandawgyz Gardens, een door de Britten in
1915 -17 aangelegde tuin. De tuin is na de onafhankelijkheid – ook weer door de
Htoo-groep – tot een ongelofelijk mooie en goed onderhouden tuin gemaakt.
Foto’s vertellen beter dan ik het kan beschrijven de mooie borders, gazons en
vijvers.
Er is een gebouwtje met fossiele
vondsten en een Petrified Museum
We wandelen ook door een
moerasgebied en bamboebos. Bij dat laatste valt op dat er veel in gekerfd is en
dat er geen jonge loten zijn (misschien een ander seizoen?)
We zien de zeldzame Takin die in
jet uiterste noorden, de Karin State voorkomt en daar in de buurt in China en Thailand(?).
En een tuin waarin ruim 20 bomen
staan waaraan vruchten groeien die wij als mensen graag eten o.a. avocado’s.
Een walkway met allerlei vogels,
o.a. de Yellow Hornbill:
Vervolgens gaat het naar de
orchideeën tuin. Buitenlandse orchideeën bloeien prachtig
De Myanmar orchideeën bloeien
momenteel niet. ze groeien ook anders lijkt het: dikke stukken groeien op de
stam, het lijken net banaantjes.
In het gebouw bij de tuin is een
vlinder tentoonstelling.
Dan een stukje wandelen naar de
uitkijktoren.
Na de lunch worden we als echte
koloniaal-toeristen met een koetsje naar ons hotel gebracht. Daar verblijven we
een tijdje op het terras van onze koloniale bungalow.
Om vier uur laten we ons door
paard en koets naar de binnenstad brengen, Kees op de bok, een tochtje van ruim
20 minuten. In de stad lopen we over de Shan-markt, die al ten einde loopt:
groente en fruit is er al nauwelijks meer. Een grote markt, het overdekte
gedeelte weer kleding (longhis), huishoudartikelen en gereedschappen. Het
mooiste gedeelte van de wandeling is een straat met eetstalletjes. Bijzondere
spullen worden daar in olie op houtvuur gebakken, dan in een met plastic zak
overtrokken bakje geschept, dan kruiden etc. erbij en de plastic zak wordt weer
van het bakje afgestroopt, dichtgeknoopt en door de klant meegenomen op de
brommer of fiets.
Er staat ook een dame met een
grote, zeg maar poffertjespan, waarin een heel dun beslag wordt geschept. Zij
laat dat even bakken, en legt dan wat kruiden en een of twee hazelnoten en op,
om vervolgens met een speciale lepel twee halve bolletje op elkaar te leggen.
Prachtig hoe ze daar in hoog tempo de “poffertjes” maakt de afzet is zo te zien
ook goed.
Toren in de stad
bakje met plastic zakje er omheen waarin het eten voor de verkoop wordt opgeschept
de plastic zakjes worden dichtgebonden
en meegenomen op de brommer
het bakken van bolletjes
knikkerende kinderen
We gaan niet naar de nachtmarkt
zoals we van plan waren, omdat we niet precies weten hoe we moeten lopen en
verschillende kanten uit instructies krijgen. En vooral ook omdat we hier geen
restaurant zien waar we durven te eten. Weer met een koetsje terug naar het
hotel, biertje op ons terras en daarna diner buiten bij het hoofdgebouw, met
zicht op een vuurtje van bamboe hout. Na het eten zitten we nog een tijdje bij
het vuur. Heerlijk slot van een heerlijke dag.
Donderdag 26 januari
8.15 vertrek van hotel naar het
station. Daar haalt Jude de eerder bestelde kaartjes op. Op het perron komt al
snel de trein binnen. Hij is nog niet volledig. Er komen nog drie wagons bij,
waarschijnlijk op het laatst meer reizigers.
Er zijn veel toeristen die met
de trein gaan. Er wordt gerangeerd, van alles wordt uit- en ingeladen en om
half negen vertrekken we.
Het is een oude trein, maar
prima in conditie, de raampjes staan open, de zon schijnt naar binnen. De trein
rijdt niet snel, stopt regelmatig een minuutje, en wiebelt behoorlijk. Onze
rugzak gespen we vast in het rek boven ons hoofd.
het
station in Mandalay
koopwaar wordt ingeladen
in de trein
De tocht is prachtig, langs
groene akkers, bosjes en heuvels. Bij de overwegen wordt hard gefloten en staat
een dame of heer met groene vlag.
Het is een lange reis met
onderweg heel veel vanuit het open raam te zien.
akkers
… met huisjes en hutjes erop
in een bocht kan de trein zelf worden gefotografeerd
Op enkele plaatsen mogen we even
uit de trein. Dat is o.a. het geval bij Kyaukme waar de trein van de andere
kant komt en alleen hier kunnen twee treinen elkaar passeren (enkelspoor)
op het station in Naunghkio
de ons
tegemoetkomende trein in Kyaukme
Even voor Kyaukme is een
hoogtepunt van de tocht: het Gokteik viaduct, over een grote kloof. Dit viaduct
is al door de Britten aangelegd in 1905. Mooi zicht op het viaduct en de
rotsen.
de trein gaat hier een tunnel is
het Gokteik viaduct
de rotsen bij het viaduct
Dit is tevens het ruigste deel
van de tocht. Verder gaan we door glooiend heuvellandschap, veelal bebouwd, zie
de foto’s.
mosterdzaadvelden
terrasbouw
een pagode heel in de verte
zo groen kan het zijn; rijst
een eenvoudig hutje
We lunchen met meegebrachte
crackers en in de trein gekochte kwarteleitjes die met een nat doekje
schoongemaakt goed te eten zijn (door Geer althans, Kees durft er maar één of
twee aan).
Tegen vieren komen we in Hsipaw
aan, na een reis van zeven uur, waar we keurig worden opgewacht door een meneer
van het hotel.
[1] De Htoo groep behoort
tot de zgn. Cronies, minder dan 20
zakenlieden en hun families die een
groot deel van de rijkdom en economie in Myanmar beheersen. Tijdens de jaren
van het militaire bewind sluiten ze een overeenkomst waarbij ze in ruil voor
steun en diensten aan het regime, gunstige contracten en import licensies
verkrijgen. Ze zijn onderhevig aan sancties van US en Europa. (p.315 RG)
























































Geen opmerkingen:
Een reactie posten