zaterdag 4 maart 2017

26 Phimai, zaterdag 4 en zondag 5 maart

zaterdag 4 maart
Om 8 uur vertrekt de bus van Khon Kaen naar Khorat, waar wij mee meegaan tot Than Prasat/Talad Kay ca. 10 km van Phimai. Het landschap is nu niet meer bergachtig en ook veel meer bebouwd en bewoond dan de vorige twee tochten. De reis gaat voorspoedig, we stoppen een paar keer en dan zijn we om elf uur al bij de afslag naar Phimai. We missen een bus doordat we lekker zitten koffie te drinken, maar er gaat er ieder half uur een, zodat we nog voor de lunch in ons Boonsiri Guesthouse zijn. Er is een leuk terras waar onze kamer op uitkomt en daar lunchen we met wat we nog bij ons hebben.

Tegen drie uur gaan we op pad naar de grote tempel waar we hiervoor gekomen zijn en die vlakbij is. Daar blijven we de hele verdere middag.

huiswerk voor de reis: met Thais schrift kunnen we 
duidelijk maken waar we moeten overstappen

 bij de eerste stop plaats van de bus, gaat er een bromfiets mee, waardoor 
onze rugzakken verhuizen naar bovenop de gasflessen van de bus

 droge en vlakke velden onderweg

 stalletjes langs de kant

De Prasat Hin Phimai
De Prasat Hin Phimai is een gerestaureerd Khmer tempelcomplex, het grootste van heel Thailand. Het gaat waarschijnlijk terug tot de regering van Khmer koning Suruyavarman (1002 – 1049) en zeker sommige delen, zo niet alles is ouder dan het beroemde Angkor Wat in Cambodja. Uit vele in de laatste 25 jaar gevonden inscripties lijkt het als volgt gegaan te zijn: het Khmer rijk bouwt in Phimai (afgeleid van Vimaya) deze tempel tijdens het bewind van bovengenoemde vorst rond de 11de  eeuw. Het Khmer rijk wordt groter en verplaatst zijn hoofdstad naar Angkor in Cambodja in de  12 à 13de eeuw. Door verschillende wetenschapers die allerlei stenen tabletten hebben gevonden wordt nu aangenomen dat het complex hier uit de 11de  eeuw model heeft gestaan voor het Angkor Wat complex Dat vele malen groter is. Ons valt ook direct op hoe de 28 kantige hoofd stupa lijkt op wat we 3,5 jaar geleden zagen.
Er was vroeger een directe weg naar Angkor, de Khmer hoofdstad. Op verschillende kaarten wordt de route aangegeven en die loopt via 17 tussenplaatsen waar overnacht kon worden en waar hospitalen zijn. De zgn. Dharmasa route.

Na de11e eeuw brengen de Khmer regeerders grote veranderingen aan en aan het eind van de regering van Jayavarman VII in 1220 is Phimai officieel overgegaan op het Mahayana Boeddhisme.

Je ziet de gelijkenis: links Angkor Wat, rechts Phimai

de oude weg naar Angkor

 de plattegrond van de tempel

Het complex kom je aan de Zuidoost kant binnen.
Links is een rechthoekige ruïne met grote ruimtes waar de koning zich verkleedde en waar feesten werden voorbereid.
Dan is er een trap met klassieke naga (slang) balustrades die naar de buitenmuren leidt. Aan de buitenkant heeft die balustrade/ omloop valse ramen, een de binnenkant met zicht op de binnenplaats heeft hij wel echte ramen.

Als je door deze omloop heen bent, kom je in een binnenplein, een grasveld met in het midden de hoofd stupa, Prang noemt men het. En daar omheen aan de zuidkant in het oosten en het westen nog 2 Prangs. Eén – de prang Brahmathat - waar koning Jayavarman VII staat. Dit is een goed bewaarde prang, je kunt erin. Aan de westkant is de Prang Hin Deang, ook in Khmer stijl, maar die ziet er niet goed meer uit. Je mag er ook niet in (gevaarlijk).

overzicht van de Prasat Hin Phimai

 de trap met de naga (slang) die toegang geeft tot het complex

 de leeuw en de naga van de trap

 de balustrade /omgang die komt na een pad na de trap
de balustrade van binnen. Je ziet 1 kant ramen, de buitenkant niet

Kees beklimt de de prang Brahmathat - waar koning Jayavarman VII staat

De hoofdprang (stupa) is in 1960 in originele vorm gerestaureerd. Hij heeft een kruisvorm en is conisch opgebouwd, d.w.z. het is een toren. Deze steekt boven alles uit, is waar Phimai zo bekend om is. Hij is van witte kalksteen. De balken boven de deuren van de vier ingangen zijn veelal met Hindu-thema’s versierd. Boven de ingang aan de ZO kant zien we Shiva, de Vernieler, dansen. Het is een dans over het einde van de wereld en de creatie van een nieuwe orde. Binnenin laten Boeddhistische scenes de bekering van Hindoe naar Boeddhisme zien.

Hieronder een serie beeltenissen op de deurbalken.


een Boeddha of Hindu-beeld op een van de deurbalken

Siva aan de ZO kant van de Prang





 Beeldhouwwerk aan de buitenkant van de Hoofd Prang


In de Hoofd Prang is het belangrijkste beeld: de Boeddha beschermd door een zevenhoofdige naga.

de Hoofd Prang” kruisvorm en conisch

Boeddha in het heiligste, beschermd door een zevenhoofdige slang (naga)

uitsnijding: dak van de zo kant van de  hoofd prang

de Prang bij namiddaglicht

We lopen al deze ruïnes door, zitten soms even stil, kijken in gangen, lopen weer eens even naar buiten en weer naar binnen.
Vooraf hebben we een heldere uitleg gelezen in de informatiecentrum bij de ingang.

Weer een indrukwekkend gebeuren. En nu weer een ruïne, na de vele nog in gebruik zijnde  tempels van de laatste weken.

de achterste muur (noordkant)

  de buitenmuur met mooie boom

Na al dat moois, zijgen we neer op waarschijnlijk het enige terras in het stadje, tegenover de Clock Tower met een indrukwekkende herdenkingsfoto van de overleden koning. Even uitrusten en bijkomen en dan lopen we nog de straat door om te zien of we nog meer restaurants vinden. Nee dus. Wel  zien we nog een stuk oude muur. Bovenop zien we de zonsondergang. En dan komen we bij de nachtmarkt, vlak achter de Clock Tower.

We eten op het eerdergenoemde terras en zien tot onze verbazing een hele tijd een jonge (zwarte) olifant aan het begin van de markt paraderen, een beetje met zijn slurf wapperen en af en toe krijgt hij wat te eten. Het verkeer raast erom heen en niemand lijkt er aandacht aan te schenken. Vreemd. Een vrij jonge jongen begeleid de olifant en houd hem voortdurend aan zijn oor vast waarop de olifant precies reageert.

de Clock Tower met eerbied voor de overleden koning    

nog een muur tijdens de avondwandeling    
zondag 5 maart
De Sai Nagam, de “mooie Banyan Boom”

We fietsen rond half negen weg naar de Sai Nagam een beroemde boom die op een soort eiland in de rivier Mun staat waar Phimai aanligt. De boom bestrijkt een oppervlak van ca 2300 m2. Het blijkt één boom te zijn met heel veel lucht wortels die naar beneden hangen en zich ook in de grond verankerd te hebben. Het is een Ficus Bengalensis. Ook wordt de boom op vele punten ondersteund door houten constructies of betonnen constructies die ter afleiding gevormd zijn als stammen. Onder de kruin is een heel wandelpad met op verschillende plaatsen mogelijkheden tot bidden met allerlei dieren bij de altaren. Het doet redelijk animistisch aan, die indruk krijgen we ook op andere plaatsen van tijd tot tijd.





Fietstochtje

Daarna fietsen we verder de velden in. Eerst een stukje langs een irrigatie kanaal. Dat steken we over en komen weer bij de bochtige rivier Mun, die we blijven volgen. We rijden over een soort dijk met lager land waar rijst heeft gegroeid aan de ene kant en de rivier aan de andere kant. Mooie vergezichten, mooi alleen staande bamboe bosjes over eenzame grote bomen. Het is een heerlijk afwisselend landschap en we komen na een uurtje in een klein dorpje aan.



koeien met heel lange oren, nog nooit gezien    


van dichtbij    





Tempel en Monnik inwijding
Daar staat weer een grote tempel waar gezongen en gebeden wordt. Het blijkt een groot familie feest te zijn ter eren dat drie leden uit de familie monnik worden. Voor hoe lang is onbekend.

Het haar van de monniken is vandaag geschoren en zij dragen tijdens die overgang naar het monniken schap nog de prinselijke kleding. Als je goed kijkt zie je enkele briefjes van 1000 Bath in de sluiting van de nek zitten.





ontmoeting met twee aardige mensen die ons uitnodigen op een familiefeest 
ter ere van de inwijding van twee familieleden tot monnik

eten ter ere van de nieuwe monniken


We worden dermate aangemoedigd om toch vooral een hapje mee te eten en na het voorstellen bij de ouders geven we toe. Het is een gepeld ei met kippen vlees in coccusmelk klaar gemaakt. Het smaakt uitstekend en we hebben er later geen last van.
We fietsen dezelfde route terug om niet te verdwalen en genieten opnieuw van het landschap.
 Na onze siësta lopen we nog een stuk door het dorp en er buiten om de oude route naar Angkor What te zien en zien bij het begin van die route ook het hospitaal dat daar heeft gestaan en waarvan de fundamenten zichtbaar zijn gemaakt. Het geheel ziet er mooi en goed onderhouden uit.
We lopen wat zoekend door de buitenwijk van Phimai terug en krijgen van verre zicht op de hoofdprang van de tempel die we gisteren hebben bezocht. Dus we zijn op de weg waar ook ons Hostel aan ligt. Pakken een pilsje, eten een hapje, relaxen en gaan vroeg naar bed, morgen naar Nang Rong.
relaxen

   

Geen opmerkingen:

Een reactie posten