zaterdag 18 maart
De rit van Chumphon naar Nakhon
Si Thammarat rijdt alleen ’s nachts rijdt; overdag lukt niet. Vertrek om 02:45,
aankomst is 09:55. Ligging Nakhon Si Thammarat 80 26’ 7”
NB, 990 57’ 59” OL.
Met af en toe een stukje slapen
gaat de nacht snel voorbij. Om zes uur zien we een prachtige zonsopkomst. We
rijden nu door een groener land. Er is hier op sommige stukken ook veel water
tussen de bomen, het lijkt een beetje op oerwoud. Maar vooral langs de
spoorrails. Niet overal trouwens. Verder is er veel in cultuur gebracht. Er
zijn veel rubberplantages zowel jonge aanplant als de oudere bomen met de
bakjes om de latex op te vangen. Ook zien we enkele plantages met palmen zowel
jongere als oudere – is dat de suikerpalm?
Het 2e deel van de
rit wordt veel vaker gestopt en op alle stations mooie houten
stationsgebouwtjes en potten met bougainville.
zonsopgang
vanuit de trein
rubberplantages,
als je goed kijkt zie je de aftapbakjes hangen.
overal
mooie houten stationsgebouwen
Nakhon Si Thammarat is de 2e
grootste stad in het zuiden. Het is een bekende pelgrimsplaats. Het is van
oudsher een handelsroute over land van de Adama zee met Trang als havenstad aan
de Indische Oceaan kant en Nakhon Si Thammarat aan de golf van Thailand dus de
oost kant. De afstand tussen de twee plaatsn is kort waardoor via deze route
sinds de 5de eeuw zich een levendige handel ontwikkelde tussen China
en Zuid- Indië. Het koninkrijk Tambralinga (eerdere naam voor Nakhon) bevecht
al in 1000 AD onafhankelijkheid van de machten van Sirvijaya (uit Maleisië) en
Angkor door z’n eigen handelsmissies naar China te sturen. Vanaf de 5e
eeuw heeft Nakhon het intensief contact met het Boeddhisme uit Sri Lanka, o.a.
een Boeddha relikwie die in Wat Mahathat bewaard wordt, een Wat die in Sri
Lanka stijl gebouwd is. Monniken van Nakhon helpen het Therevada Boeddhisme
naar Sukhothai verspreiden. Vanaf de 14e eeuw komt Nakhon onder de
controle van Ayutthaya, dat gouverneurs naar deze belangrijke post stuurt.
Later komen er contacten met de Portugezen en Hollanders, gevolgd door Engelsen
en Fransen. Na de vernietiging van Ayutthaya door de Birmezen in 1767, speelt
Nakhon een belangrijke rol bij de wedergeboorte van Thailand.
Bij aankomst nemen we een
tuk-tuk naar het hotel. Het blijkt een soort lijndienst die een ring door de
stad rijdt te zijn. we zien de halve stad en moeten dan nog een eindje lopen en
vragen of we goed zitten We hebben het briefje met de hotelnaam niet laten
vertalen en daarom begrijpt bijna niemand ons. We komen er toch. Spullen
neergezet en gelijk trekken we erop uit: de stad bekijken en op het kaartje in
de gids hebben we enkele tempels zien staan. We zoeken een beetje waar we
lopen, komen langs een markt en een plein en dan weten we ongeveer waar we
zijn. Echte koffie vinden we in een fast food restaurant bij een groot
winkelcentrum. Daar durven we de pizza niet aan en zo komen we bij KFC waar we
kippenpootjes en patat eten. Lang geleden in China deden we dat ook eens. Dan
weet Kees hoe we bij de kamer kunnen komen, daar rusten we een tijdje en eind
van de middag lopen we nog twee uurtjes. De grote en drukke straat die we een
eind aflopen is de Ratchadumnan straat.
Zo heet hij in het boek en op internet, op de straatbordjes staat Rejdanemern
Rd. Die verschillen in namen (op Google en GPS soms ook nog weer anders) blijkt
meer voor te komen. Dat maakt dat we de eerste dag een beetje onthand zijn. We
bekijken een paar leuke, onverwachte tempels en de oude stadsmuur in het mooie
park.
Phra Chedi Yak
Ceylon, Sri Lanka stijl,
gebouwd 1257 – 1358. Gerestaureerd
tijdens Ayutthaya en vroeg Rattanakosim (= Bangkok) periode. De Sri Lanka stijl
is een belvorm met een vierkantje er bovenop (shrine) waar de schatten in
zitten. Zo hebben we het in Bagan geleerd: bij het Theravada Boeddhisme in
Myanmar 12e eeuw is een vierkante shrine/ harnika (soms achthoekig
of is dat weer een andere stijl?) en Pyu (groot koninkrijk bij Bagan) is een
grotere cirkel en is de shrine aan oostkant, dicht en in de bel verwerkt.
De Chedi Yak zou de 2e
grootste chedi = stupa in de provincie zijn naast de Phra Boromathat die we in
de Mahathat tempel zien. De stupa zou gebouwd zijn door een welvarende Mon
persoon als ze in 1003 in deze stad als vluchteling aankomen (zo staat het op
internet, op het bordje staat dus 1257 – 1358 wat laat is voor Sri Lanka
stijl).
Phra Chedi Yak
Hindoe- Boeddha tempel
Aan de weg ligt een groot
tempelcomplex. Boeddha en Hindu beeltenissen worden door elkaar gebruikt.
een onbekende tempel
in de tempel Hindoe en Boeddha door elkaar heen
in de driehoek van het tempeldak
de bell tower met het wiel
Yamia moskee
Aan de weg ligt een groot
tempelcomplex. Boeddha en Hindu beeltenissen worden door elkaar gebruikt.
Beelden die we op straat tegenkomen:
een winkel met kuikens van eenden en kippen
de straatverlichting is hier wel heel mooi versierd; allerlei verschillende dieren
de brede Ratchadumnan straat (zo heet hij in het boek en op internet, op de straatbordjes staat Rejdanemern Rd.
mooi geverfde huizen
Tempel met glimmend blauw
Oude Stadswal
In het park zien we een Boeddhabeeld met een mooie vijver en de
gerenoveerde oude stadswal.
Wat Wang Tawan Tok
Het is een kloostertempel in
Thaise stijl. Erbij zijn 3 traditionele houten huizen in zgn. “Ruen Kruang Sab”
stijl (zie bij het museum: op palen en met cementen onderbouw; dit i.t.t.
geheel houten huizen met bladerdak, waarvan de verbindingen tussen palen met
bamboe touw gemaakt worden)). Er is mooi houtsnijwerk in de stijl van Muang
Khong. Het geheel zou pas in 1992 voltooid zijn. De staat van de gebouwen doet
anders geloven; misschien alleen de witte hoofdtempel.
Wat Wang Tawang Tok
ingezoomd op de dakdriehoek: een hert met een Boeddha erboven
in de tempel een knalrode Boeddha die gerenoveerd wordt
spiegeltjes worden een voor een opnieuw ingelegd
houten gebouwen die
volgens internet bijzonder zijn en ook
bijzonder houtsnijwerk hebben; wat wij
er niet aan afzien
Het vinden van een eetplek is
niet eenvoudig; wat we op de kaart en GPS staat vinden we niet. Er is een
lekker restaurant niet zo ver van het station. Ook de volgende dag, want het
lijkt wel of er geen restaurants die wij goed genoeg vinden, zijn. We moeten
ons vergissen, want het is een grote stad (weliswaar heel weinig toeristen) en
we vinden beide dagen behoorlijk wat koffietentjes. Anyhow, we eten lekker en
gaan terug naar het hotel.
zondag 19 maart
Vroeg weg: we willen het hele
eind naar de belangrijkste tempel – Mahathat – lopen. Onderweg zullen we wel
ontbijten. Dat lukt niet, er zijn wel veel tentjes, maar net niet geschikt voor
ons. Geen probleem, we hebben een mango en een dragon fruit gegeten. Eerst
langs de hoofdmoskee die bijna op de route ligt en ons door een moslima wordt
gewezen: ze kent het woord Mosque niet, maar als Kees Salam Malaikum zegt en een
bidgebaren maakt, wijst ze het direct.
Moskee Salahutdeen
Het is geen grote Moskee, de
preekstel staat nu richting WNW. Leuk om nu weer het Arabische tussen het Thaise
schrift te zien. Engels is hier niet aan de orde.
Witte tempel / City Pillar Shrine
Dichtbij het park van gisteren
is een geheel wit gestucte tempel. Grappige beeldjes van Olifant, slang en
Chinese wachters die over het wierookvat gebogen staan. Binnen een Boeddha met
vier gezichten en veel gekleurde linten om. Dat is de zogenaamde stadspilaar,
gebouwd in Srivijayan stijl met een “stadswachters”- engel bovenop in Mahayana
stijl; met op het hoofd van de engel vlammen. De pilaar heeft houtbewerkingen in
9 patronen (zien we niet). Flink wat mensen komen er al of niet met familie eer
betonen aan Boeddha, de Hindoe goden en/of de spirits van de voorvaderen.
Deze Wat is door een stadscomité
gebouwd van 1991 – 1999 in het kader van een plan om tempels in een gebied aan
de noordkant van de stad te bouwen.
olifantje en slangenkop
gebogen
over wierookvat
Wat Suan Pan
Tegenover de Clock Tower staat de Wat Suan Pan, herbouwd in
1989 door een bepaalde sekte. Van oorsprong is het het terrein van het
koninklijk paleis c.q. het paleis van de gouverneur van de provincie. Een mooie
tempel op een groot terrein met veel Hindoe afbeeldingen. Het is nu een
Boeddhistisch studiecentrum.
Later vinden we een nieuwe
koffietent met lekkere koffie en pindakoeken (Kees eet een muesli reep). Hoe
dichterbij we bij de bekende tempel komen en als we op de hoofdstraat lopen,
zijn er juist veel koffiezaakjes waar je soms ook goed iets eenvoudigs kunt
eten, soms alleen cake en taart kunt kopen.
Onderweg natuurlijk ook weer van
alles te zien:
overal koopt men bloemen en andere offerandes
Bougainville midden
in de drukke stad
Hindu - tempel tgo Suan Pan
Tegenover de Suan Pan is een
Hindoe tempel, helemaal op z’n Chinees, de kleuren knallen je tegemoet.
Tempel zonder naam
Als we vlakbij de Wat Mahathat
zijn, nog een tempel zonder naam in het Engels.
Wat Mahathat.
Vanwege relikwieën van Boeddha
in deze graftombe (shrine) in de stupa/chedi is dit de belangrijkste tombe van
het zuiden. Door Indiase prinsen en prinsessen zouden 2000 jaar geleden tanden
van Boeddha vanuit Sri Lanka hierheen gebracht zijn. De hoofd chedi Phra
Boromathat is 60 m. Hoog en in de binnenplaats van de tempel zijn rijen
kleinere chedi’s. Deze hoofd chedi heet in zijn top alleen al 142 kg goud.
Viharn Luang
Deze tempel is een 18e eeuws voorbeeld van Ayutthaya architectuur.
Er is een vergulde figuur van Vishna op z’n zgn. traditionele “olifanten berg”.
Phra Buddha Sihing tombe
De legende zegt dat deze tempel
in de 2e eeuw in Sri Lanka is gebouwd en in de 13e eeuw
als cadeau naar de koning van Sukhothai is verscheept. Helaas zinkt het schip
en de tempel komt in Nakhon terecht. De stijl van de Boeddha is uniek voor de
regio vanwege de zwaar geplooide flap van zijn jurk over zijn linker schouder,
z’n “beaky” neus (neus als een bek?) en harde trekken, op een kort, dik lijf.
Nog twee andere plaatsen strijden met Nakhon om wie nu de echte Sri Lanka
Boeddha heeft.
overzicht
van het complex. Links de grote Viharn Luang,
daarnaast de tombe/chedi met daarvoor de tempel waar de
Buddha relics zijn en die zeer druk bezocht wordt.
Voor op de foto de enorm
grote klooster ommegang
een
ommegang/ cloister met 173 Boeddha’s; hier een rijtje zwarte Boeddha’s
talloze stupa’s
Nationaal Museum
We lunchen in een heerlijk
“Pixzel Caffé” met een omelet met rijst. En dan lopen we een kwartier verder de
lange hoofdstraat af en vinden het museum. We zien aardige prehistorische
zaken, leren over het ontstaan van Nakhon Si Thammarat, dat eerst Tambralinga (heeft
iets met een vroege koning te maken) heette. En beperkt over het leven in deze
streek. Een groot deel van het museum is in renovatie. Jammer.
In de 8e eeuw wordt
er geschreven tekst in steen over Nakhon Si Thammarat gevonden; het zijn Hindoe
teksten, waaruit je kunt opmaken dat India de eerste was die haar religie
hierheen transporteerde.
Op de foto’s beeldjes van Shiva
en Visnu. Shiva: de god van de verwoesting, tevens de meester van de goden die
(nieuwe beschaving voor de mensheid creëert. Visnu is de beschermer, degene die
het universum in stand houdt. (Daarnaast heb je Brahma, de schepper, Ganesha de
zoon van Shiva, de god die hindernissen kan wegnemen, Krishna is vijand of
ondeugend kind http://www.indiaweb.nl/religie/de-goden/ )
Shiva, Zuid
Indiase stijl uit de 17e, 18e eeuw
Visnu, de beschermer
huis met ‘binding-joint’ verbindingen, Ruan Khruang Phuk.
Geheel houten huizen met bladerdak, waarvan de verbindingen
tussen palen met bamboe touw gemaakt worden.
huis gebouwd met
cement en palen, Ruan Khruang Ab
Bij de afdeling rituelen merken
we dat er nog veel traditionele gebruiken zijn. Zo zijn er allerlei ceremonies als
een koppel gaat trouwen, waaronder de vader en moeder die de slaapkamer
binnengaan en voordoen hoe je op bed gaat liggen, en daarna doet het koppel
dat.
Ook mooi om te zien is hoe men
het Schaduwpoppenspel van poppen van dun leer in deze streek doet.
poppen
voor het schaduwspel van deze streek.
Omdat we vol zitten gaan we niet
meer naar de Schaduwpoppen workshop. We nemen een tuk-tuk naar dichtbij het
hotel, verpozen ons even en gaan dan via de Wang Tawan Tok
tempel die we
nog beter willen bekijken richting station om nóg eens te proberen of we van
tevoren kaartjes naar onze volgende bestemming en van daar naar de grens kunnen
kopen. Om te ontdekken dat het loket om 5 uur gesloten is en pas de volgende
dag om 8 uur open gaat. Terwijl wij de
trein om 6 uur willen hebben. Wat nu? We gokken erop dat er een tijd
geleden 8 uur op het ruitje is geschreven en er morgenvroeg toch wel een loket
open zal zijn. We vinden Iemand die bij het station hoort en die zegt ook dat
we om half zes een kaartje kunnen kopen. (Het blijkt dus ook zo te zijn). Het
volgens de gids beste restaurant van de stad kunnen we niet vinden en we eten
weer heerlijk “sweet and sour” vis bij het restaurant van gisteravond om
morgenvroeg naar het station te gaan.
















































Geen opmerkingen:
Een reactie posten