woensdag 8 maart
Van 8 tot half vier zijn we op
reis naar Ayutthaya. De baas van het guesthouse brengt ons om kwart voor acht
naar het busstation in Nang Rong en bijna gelijk hebben we de bus naar Khoran /,
die er 2 uur overdoet. Kees heeft op de heenweg uitgezocht dat bij nr. 3 minibusjes
naar Ayutthaya vertrekken, dus dat gaat ook gemakkelijk. Omdat we rugzakken
hebben moeten we 3x betalen, wel logisch achteraf, we nemen ook drie plaatsen
in beslag. In Sanburi blijken we in een ander mini busje verder te gaan. Een
norse meneer neemt onze kaartjes mee, gebaart wat we moeten doen. Het komt
allemaal goed en we zien onderweg heel wat van het platteland.
veel vrachtwagens rijden op gas
Shell
tank station
hoog bepakte auto
staartlantaarns al in Ayutthaya
een watertje als we Ayutthaya naderen
Ons Tamarind Guesthouse blijkt
een goede greep te zijn: het is er gezellig, er zijn allemaal hoekjes, grappige
snufjes, terrassen met planten, heel ingenieus opgezet. De palmen op het terras
van de 1e verdieping zijn op de benedenverdieping geplant en zijn
door een smalle spleet naar boven komen groeien; kunstig. We huren er voor de
komende drie dagen fietsen en vermaken ons met het ontbijt en ’s avonds op het
terras.
Bij binnenkomst komen we al
langs allerlei stupa’s. Tegenover ons guesthouse zijn twee belangrijke. We
zitten dus op een prima plek. Deze woensdag gaan we nog niet kijken, we
wandelen richting station om daar te informeren naar de verdere treinen. Je
moet na een 20 min lopen met een bootje over de “stadsgracht” varen en dan ben
je bijna direct bij het station. De info is duidelijk en we krijgen een rooster
voor de treinen. Bij het station is het een toeristendrukte van belang. Overal
zitten mensen bij restaurantjes en stalletjes te eten; iets teveel van het
goede. In het bootje hebben we een terras aan het water gezien en daar drinken
we een biertje. Op de terugweg eten we bij het Vietnamese restaurant waar we
langs kwamen op de heen weg, mmm….
foto ontbijt op het terras
leuk hoekje
onze kamer in Tamarind Guesthouse
over varen met de pont in Ayatthuya
zonsondergang op straat in Ayatthuya
donderdag 9 maart
Ayutthaya is een oude hoofdstad
van Thailand, 76 km ten noorden van Bangkok. De stad is omgeven door 3
rivieren: de Lopburi in het noorden, de Pasak in het oosten en de Chao Phya in
het zuiden. De laatste is de grote rivier waarnaar de het hele vruchtbare
valleigebied ten N. van Bangkok is genoemd. De stad die op een groot eiland
tussen deze drie rivieren ligt werd wel het Venetië van het Oosten genoemd.
Ayutthaya is 417 jaar lang een zeer bloeiende hoofdstad geweest van het zgn.
Ayutthaya koninkrijk (1350 – 1767) en in die tijd zijn er 77 koningen geweest. In
1767 kwam er een abrupt einde aan toen het Birmaanse rijk het koninkrijk binnen
viel en behoorlijke verwoestingen aanrichten. Overigens wisten de Ayutthaya
zich na 15 jaar weer van het Birmaanse juk te bevrijden.
We onderscheiden een vroege,
midden en late Ayutthaya periode.
Vroeg: feodalisme en een
absolute monarch. Koning U-Thong oftewel Ramathibodi I en Boroma-tri-loka-nat
behoren tot deze periode. U-Thong vult het vacuüm op dat het tanende Khmer/
Angkor rijk en eveneens het eerste Thaise koninkrijk Sukhotai nalaten. De
Mongolen spelen hier ook nog een rol: ze
wilden een buffer tegen de Khmer.
Midden: de periode dat Ayutthaya
in 1569 door de Birmezen wordt verslagen. In 1584 verslaat koning Naresuan de
Birmezen weer.
Laat: Tijdens de regeerperiode
van koning Na Rai de grote (1656 – 1688) begint politiek en commercieel contact
met het westen. Koning Sutyat-Amanin oftewel Eakatat is de laatste koning van
Ayutthaya.
Daarna nemen de Birmezen het
weer over. In 1692 wordt Bangkok gesticht door de Thai. Onder koning Rama V worden de ruïnes van Ayutthaya
gerenoveerd.
Ayutthaya
architectuur
Qua architectuur worden ook
drie periodes aangehouden; daarover helaas geen informatie gevonden. Wel
ontdekken we het patroon in de Ayutthaya architectuur, door alle periodes
heen:
|
Belangrijke koninkrijken zijn
dus:
Khmer (Cambodja maar ook
Thailand, dat zagen we in Nang Rong en Phimai), 6e – 13e/14e
eeuw
Sukhotai periode, 13e
eeuw
Ayutthaya periode, 14e
– 18e eeuw
Birmezen maken Ayatthaya in 1767
met de grond gelijk; daarvoor ook al invasies die soms weer afgeweerd werden.
Zie ook het hoofdstuk
geschiedenis Thailand.
kaartje
van de stad
Wat na Phra Meru Ra
De Hoofdtempel heeft een gouden
Boeddha (of verguld, een andere beschrijving). De tempel en de Boeddha is waarschijnlijk
uit de vroege Ayutthaya periode. De tempel overleeft een aanval van de Birmezen
in 1569, Hier zouden vredesbesprekingen tussen de koning van Birma en die van Thailand
hebben plaatsgevonden en de gouden Boeddha zou er toen geplaatst zijn. Ook
staat er het volgende verhaal: binnen het Boeddhisme mag een Boeddha beeld
nooit worden vernietigd. Bij een aanval van de Birmezen in 1760 hebben de
Ayutthaya kanonnen staan bij de tempel. De Birmese koning geeft opdracht te
schieten op de tempel maar de troepen durven niet. Hierop ontsteekt de koning
het kruit. Echter hij maakt een fout en blaast zichzelf mee op, waarna het
Birmese leger zich moet terug trekken.
Later – 1767 – bij de volgende
aanval van de Birmezen is de tempel toch verwoest.
Hoe dan ook, er is een mooie
Boeddha, gekleed in “Marnvighai-stijl”.
overzicht van het complex
de hoofdtempel
de Gouden Boeddha
Buiten, in de driehoek tegen het
dak is een mooi houten beeldsnijwerk dat de god naraya verbeeldt die op Garuda
zit die weer op naga’s hoofd stapt.
The small Vihara (Hall of
painting): met een stenen Boeddha. Uit de Dvaravati periode rond 500, mogelijk
uit Sri Lanka. Of, waarschijnlijker, uit de 17e eeuw. De Boeddha zit
op z’n Europees.
Achter de tempel vinden we nog
de resten van een oude tempel en drie oude stupa’s, waar bij een van de drie
een boom zijn wortels helemaal om de stupa heen verstrengeld heeft.
En er zijn nog meer dingen te
zien; op de foto nog een oude houten tempel.
resten van een oude tempel
met 3
stupa’s
de Stupa verstrengeld in wortels
oude, houten tempel
Wat Hasadavas
Een rechthoekige en een
achthoekige stupa, moet rond 1750 gebouwd zijn. Tussen de twee stupa’s de
resten van de tempel.
Wat Cherng Tha
Gelegen vlak boven de Lopburi
rivier Khlong Muang, net buiten het eiland van de stad. De legende is dat een
rijke man de tempel bouwt als zijn geliefde dochter er met haar geliefde van
door gaat. De vertaling van de naam van de tempel is “wachten”, de vader wacht
op zijn dochter.
De tempel is gebouwd in de vroeg
Ayutthaya periode, maar is verlaten in 1767 toen de Birmezen binnen vielen.
Later is de tempel weer in gebruik genomen, onder koning Rama IV. Bij een ander
bordje staat dat de tempel uit de midden Ayutthaya periode is.
Aan de zuidkant van de tempel
staan een hele rij stupa’s van verschillende vorm (bel, vierkant, etc).
De tempel heeft een ordination
hal.
de Cherng Tha
aan vier kanten hebben Boeddha’s gestaam
de top van de tempel
de top ingezoomd
de stupa’s aan de zuidkant van de tempel
de Ordination hal
Bij de ingang van de tempel
allerlei hedendaagse dieren bij een offerplaatsje:
Wat Phanum Yong
Een kort bezoek. Het bijzondere
hier is dat we nu zien waar de schoorsteen die we al een paar keer in Thailand
bij een tempel zien, voor is. Het is een crematorium.
Het Monument van Koning Naresuan
Konig Naresuan is de grote
koning die de Birmezen verslagen heeft. Met een grote partij hanen voor de trap
van het monument. Kees klimt alle trappen op, Geer houdt het voor gezien.
Wat Phu Khao Thong
Ook deze tempel heeft weer met
oorlog met de Birmezen te maken. In
1569, na een tijdelijke verovering bouwen de Birmezen deze stupa in Mon-stijl
om hun overwinning te vieren. Het gebied komt weer in handen van de Thai, ze
hebben een hekel aan de stupa, maar het past niet om een geheiligd monument te
vernietigen, dus blijft het staan. “Gelukkig” stort de stupa 200 jaar later in
en de dan regerende koning Borromakot (is een andere naam dan de hierna te
noemen Boromraja II) bouwt op dezelfde plaats nu een stupa in echte Ayutthaya
stijl. Juist op dat moment komen de Birmezen terug en maken de stad met de
grond. Recent is deze “Gouden berg” gerestaureerd en zien we de enorme witte
stupa in het land oprijzen. Hij wordt momenteel weer vernieuwd mede door
Myanmar betaalt, dus we kunnen er niet opklimmen. We lopen rond en drinken een
sapje bij een tentje.
We hebben nog minstens drie
stupa’s op de rol staan aan de westkant van de stad en besluiten eerst terug te
fietsen naar het hotel en na 3-en verder te gaan. Het lijkt eenvoudig op het
kaartje, maar er is een grote weg bijgekomen en/of het kaartje is niet goed
en/of wij lezen niet goed. In ieder geval verdwalen we verschrikkelijk, komen
uiteindelijk op de grote weg naar Bangkok een brug over te rijden, met gevaar
voor eigen leven. De weg af en verder zoeken. Niemand kan kaartlezen en men
wijst maar wat is onze indruk. Ook een wegwijzer wijst naar een bepaalde wat
die er niet is. Kees denkt dat we hier met het mini-busje dat ons naar
Ayutthaya bracht al geweest zijn. We zien 2 moskeeën waarvan we er één zeker al
eens gezien hebben. Uiteindelijk weer een kruispunt met veel borden naar Wats
die we op onze kaartjes niet vinden. Gelukkig is er een meneer van een
motortaxi die het in goed Engels kan uitleggen en zo fietsen we in een half
uurtje terug naar het hotel.
Even pauze voor lunch en
verpozen op onze kamer en dan om vijf uur nog even op stap.
Wat Ratburana
Gebouwd in 1424, de vroege
Ayutthaya periode, door koning Boromraja II om zijn twee oudere broers te
memoreren. Bij een olifantengevecht tussen deze broers om de troonsopvolging
komen beide broers om. Zij zijn op deze plaats gecremeerd.
Er is een prachtige hoofdprang,
omgeven door een aantal stupa’s. Op de reconstructie –maquette zien we dat die
om de beurt een stupa en een kleine prang zijn. er zijn enkele stupa’s over. En
er zijn resten van twee hallen: een ordination hal en een sermon hal.
de plattegrond
de maquette
de hoofdprang en stupa’s bij prachtig avondlicht
de hoofdprang de volgende dag vanuit de Mahathat tempel
top van de hoofdprang met de bijna volle maan
beelden op de hoofdprang
een nieuwe Boeddha op de hoofdprang
de sermon hal, genomen van bovenaf de hoofdprang
helemaal onderin de hoofdprang oude muurschilderingen
de hoofdprang gezien vanuit de ordination hal
de hoofdprang en een rest van een kleine prang
een beetje scheef deze stupa
Na deze prachtige tempel
wandelen we een stuk door de stad naar het water bij het pontje van gisteren en
daar eten we in een restaurant dat op het water uitkijkt. Er komen nog een paar
grote vrachtbakken – heel groot voor dit relatief smalle water - die getrokken worden
door relatief kleine sleepbootjes.
vrijdag 10 maart
Vandaag weer op pad met de
fiets, nu voornamelijk tempels binnen de gracht. Het wordt goed duidelijk dat
de meeste tempels gebouwd zijn om een overledenen te eren en te cremeren: de
zoon bouwt een tempel voor zijn vader, de broer voor zijn oudere broer, et
cetera. Bij één ( de Phra Si Sanphet) is het een privé-tempel waar zelfs geen
monniken zijn, alleen op uitnodiging bij bepaalde ceremonies. Onze gids en de
teksten op de bordjes op de site spreken niet altijd over dezelfde koningen als
bouwheer.
Wat Phra Ram (217)
In 1369 gebouwd door koning
Ramesuan bij de crematie van zijn vader koning U-Thong (= Ramathibodi I)en
afgebouwd door koning Boromatrilokanat (1448 – 1488). In 1741 gerestaureerd
door koning Borromakot als onderdeel van een groot restauratieproject voor alle
tempels van Ayutthaya
Het grote tempelcomplex is
omgeven door een soort slotgracht. Als we binnen zijn, wandelen we eerst een
rondje “cloister” dat is een galerij rond de hoofdgebouwen. Opvallend dat
overal resten van Boeddha’s zijn. In nog in gebruik zijnde tempels zoals in
Phitsanulok, hebben we gezien hoe dat er in het echt uitziet.
maquette van de tempel
tempel met gracht
tempel met gracht
de galerij met resten van Boeddha beelden
ergens een redelijk gaaf Boeddha hoofd.
de hoofd Prang
nog eens de hoofd Prang, nu met goed licht
we klimmen in de oostkant van de Prang, maar er is niets te zien
vanaf de Prang goed zicht naar het oosten, de Sermon hal
de Prang vanuit het oosten gefotografeerd
enkele stupa’s
Wat Phra Si Sanphet
Werd al voor 1448 gebouwd,
tijdens de regering van koning Ramathibodi I. In1448 bestemde door koning
Boromatrilokanat (ja, dezelfde als de vorige Wat) deze tempel als een privé
kapel, soort familie crematieplaats. De drie hoofd stupa’s zijn voor de as van
drie koningen: Boromatrilokanat (dus voor zichzelf concludeer ik), Boroma
Rachathirat III en Ramathibodo II. In de tempel mochten zelfs geen monniken
komen, alleen bij speciale ceremonies werden ze uitgenodigd. Het is een van de
grootste Ayutthaya tempels.
de drie hoofdstupa’s met een van de twee hallen, wrsch de Oosthal, Sermon Hal
de 3 stupa’s mooi op een rij
stupa’s aan de zijkant. Je ziet dat er veel schoolkinderen zijn vandaag.
weer een scheve stupa
de andere hal met nog pilaren overeind
Wat Thammikarat
We fietsen terug naar het
guesthouse omdat er onduidelijkheid is over of we nog een nachtje langer kunnen
blijven. Gelukkig kan dat. Tegelijk maken we even pauze met een lekker kopje
koffie en een wat vroege lunch. En dan weer verder.
Wat Thammikarat
Op zoek naar het Koninklijk
Paleis komen we bij deze wat terecht. Het paleis vinden we niet of misschien
zien we iets van restjes muren. We zoeken niet verder want er is bijna niets
van over zegt de gids. De Wat Thammikarat heeft een deel waar nog
“gepraktiseerd” wordt en een deel dat alleen ruïne is. En dat loopt door
elkaar, bv. een ruïne met allemaal hanen ervoor, daar wordt nog flink voor
gebeden. En idem bij een ruïne van een hal met een later geplaatste Boeddha met
sjerp erin. De vele beesten en beestjes zijn heel grappig (we vinden dat maar
de Thai mensen hechten er veel waarden aan. De dieren representeren bepaald
dagen van de week waarin een groot leider is geboren zoals Koning Narai de
Grote op de dag van de haan). En binnen in een hal is een houten liggende
Boeddha. Een oude stupa heeft nog flink wat redelijk herkenbare leeuwen. We
zijn dus blij dat we deze wat merkwaardige Wat toch bezoeken.
Whara/Viharn Phra Mongkhon Bophit
Deze tempel is pas in 1956
gebouwd met behulp van de Birmezen om tegemoet te komen aan het vernietigen van
de stad twee eeuwen eerder. In de tempel staat een van de grootste bronzen
Boeddha’s van Thailand. De Boeddha is uit de 15e eeuw en is aan de
elementen overgeleverd bij de invasie van de Birmezen. We kunnen hem niet
bezichtigen want de tempel staat voor restauratie/opknapbeurt in de steigers.
Terug naar het hotel voor een
uurtje rust en dan op pad naar tempels aan de west en Zw kant van de stad. De
fiets komt goed van pas.
Wat Lokaya Sutha
Wat Lokaya Sutha
Volgens vergelijkende studies is
deze Wat gebouwd in de vroege Ayutthaya periode. Het ontwerp is als andere
tempels: een hoofdprang met oostelijk een Sermon hal en westelijk een
Ordination hal. Hier komt er nog bij dat er een grote liggende Boeddha achter
deze west hal ligt. De Boeddha is gerenoveerd waarbij men hem een modern
gezicht heeft gegeven. Voor de liggende Boeddha zijn de resten van 24
achthoekige pilaren te zien.
de hoofdprang
de omloop rond de hoofd prang
top van de hoofdprang uitvergroot
de liggende Boeddha met modern gezicht
de resten van de 8-hoekige pilaren ten westen van de liggende Boeddha
een reiger in de gracht rondom
Wat Wora Chet Tha Ram
Gebouwd door koning Eakathosarot
in 1593, het jaar dat koning Naresum de Grote (zijn oudere broer) omkomt in
strijd tegen Birma. Koning Eakathosarot bouwt deze stupa als een groot
crematorium voor zijn oudere broer.
overzicht van de het hele complex met gracht eromheen
de stupa
de top van de stupa
een Boeddha in redelijk goede staat
de zalen aan de oostkant
een boom in prachtige bloei op het terrein
van dichtbij de
bloesem
Wat Worapho
Tegenover de Wat Wora Chet Tha
Ram zien we nog een bijzondere stupa, nergens beschreven. Hij heeft gewoon vier
hoeken, maar bij iedere hoek is het onderste stuk voorzien van 11 inkepingen (9
smalle en 2 iets bredere).
Op zoek naar volgende wats. We
constateren dat het kaartje niet klopt of wij niet goed lezen en besluiten
terug te gaan. Direct daarna heeft Geer een lekke band. Zij gaat met de fiets
in een tuk-tuk naar het hotel en Kees voert het plan uit om kaartjes voor de
trein zondagochtend te kopen.
Op ons mooie terras drinken we
daarna een biertje en dan willen we een restaurant gaan zoeken. We komen niet
verder dan twee deuren en zien een groot Thais restaurant. Daar blijven we deze
avond. Het is een restaurant waar veel Japanners en Chinezen komen.
Een mooie dag met veel indrukken
is weer voorbij. En warm was het ook!!
zaterdag 11 maart
Vandaag een aantal “resterende”
wats binnen de grachten, soms vermeld op folders, soms niet.
Wat Suwannawas
De naam refereert aan de markt
waar producten van lood en kokosnoten worden verkocht. Men verondersteld dat de
wat door een hooggeplaatste persoon als privé wat geplaatst is. Gebouwd in de
Midden Ayutthaya periode en hersteld in de late periode door koning Rama IV en
in de vroege Rattanakosin periode.
Wat Ratpradisatha
Wat Khunsan
Een oude stupa langs de weg waar
we langs fietsen. Een dikke scheur erin en een stuk buitenkant is helemaal weg.
Je ziet dat er later een stupa om de eerste heen is gebouwd.
We wisselen even de monumenten
af met een plaatselijke markt, de Hua Ro Markt.
Chantharakasem Paleis
Het koninklijk Paleis (een 2e,
gisteren zochten we restanten van het eerdere paleis) is tegelijk museum. Er
zijn een serie gebouwen waarin allerlei oude voorwerpen tentoongesteld zijn. de
gebouwen zijn heel goed onderhouden, hebben glimmende houten vloeren en zijn
goed gedocumenteerd. We brengen er de nodige tijd door, heel boeiend.
een van de gebouwen op het
terrein
prachtige museumzalen met glimmende houten vloeren
Lopburi 11e ,12e eeuw
Lopburi Ganesha 12e ,13e eeuw
Houten geknielde heiligen, Ayutthaya uit 18e, 19e eeuw
een toren
de bovenbouw van een schip; hierin zitten de belangrijke personen
een kamer vol met kasten voor het bewaren van documenten
een koninklijk bed?
Net voor twaalf uur zijn we nog
bij het postkantoor om postzegels te kopen; op zaterdag gaat het om 12 uur
dicht.
We fietsen terug naar het
guesthouse omdat we daar een lekkere koffietent weten en kopen onderweg ontbijt
en koekjes voor in de trein morgen, die we tegelijk lossen. De koffiebar is net
dicht, dus we gaan in het restaurant van het avondeten van gisteren.
Daarna fietsen we naar de zuidwest
hoek van de stad. Daar hebben we 2 dagen geleden mooie ruïnes gezien, die we
gisteren vanwege de lekke band niet meer bezocht hebben. Ze staan niet of
nauwelijks ergens vermeld. Het is heel leuk er zo door te fietsen en steeds
even af te stappen.
Wat Som
Wat Jao Phram
De wats staan in een prachtig
park. Om naar de laatste wat te komen, moeten we diverse watertjes over met
redelijk wiebelige bruggetjes. Er zijn in het park een jongen en meisje
romantische muziek aan het maken op moderne Thaise muziekinstrumenten: een
xylofoon met snaren en een eensnarige viool die van een kokosnoot is gemaakt.
Wat Jao Praat
ook hier weer kleine “speel”poppetjes
een stupa omgroeid
met de wortels van een heilige boom
Weer terug naar het hotel. De
laatste tempel die we willen zien is een van belangrijkste van de stad en ligt
tegenover ons guesthouse, net als de Ratburana
Wat Mahathat
Ligt ten oosten van het
Koninklijk Paleis waar niets meer van over is. Het verhaal is dat na de strijd
in het noorden koning Ramarsuan eind 13e, begin 14e eeuw
(BE jaartelling 1927*).
toevallig een aantal resten van
Boeddha zag en toen de tempel heeft opgericht. Een ander bordje zegt dat
hoofdprang/pagode in 1374 door koning Borommaracha I is gebouwd.
De prang van deze ingestorte
tempel is van lateriet gemaakt; resten zie je nog.
Het is een geweldig groot
complex, met vele stupa’s en prangs, er zijn geen beeltenissen bewaard
gebleven. Het indrukwekkende is grootte van de hoofdprang (hoeveel stenen zijn
hiervoor wel niet gebakken?), de veelheid aan torens en de grote kloostergangen
en resten van gebouwen.
*)In Thailand hebben wordt vaak de Boeddhistische jaar
telling gebruikt afgekort met BE. Nu 2017 is voor de Thai’s 2560, hoewel het
Thaise nieuwjaar eind maart begin April valt, houdt men gemakshalve het
westerse nieuwjaar aan als wissel datum.
de maquette
DSCN8878.jpg de hoofdprang die is ingestort met in de sermon hal ervoor een mooie Boeddha
de cloister met een stukje van de ingestorte hoofdprang rechts
een zijstupa
8881 nog een zijstupa
de top van deze stupa; je ziet hoe het geconstrueerd is: eerst bakstenen en dan stucwerk erover heen
twee zijprangs
een
achthoekige stupa
een verhaal over het
hoofd van Boeddha dat hier tussen de wortels terecht is gekomen
een gebouw waarvan een muur nog of weer redelijk overeind staat; je ziet de tochtspleten
We fietsen nog voor water en een
biertje voor op het terras voor het slapen gaan naar 7-eleven, brengen dat
terug en fietsen naar het restaurant aan het water waar we eerde rook al aten.
Een waardige afsluiting van ruim
drie dagen Ayutthaya. Het meeste tempelwerk hebben we nu “gedaan”, we gaan afzakken
naar het zuiden van Thailand. Daar zullen we nog een enkel monument bekijken,
want Kmer en Ayutthaya zijn tot ver in het zuiden geweest.
Een nieuw hoofdstuk van de vakantie
begint.








































































































































Geen opmerkingen:
Een reactie posten