zondag 26 februari 2017

23 Mae Sot zaterdag 25 t/m maandag 27 februari


zaterdag 25 februari
Om zes uur vertrekken we met de auto richting grens. Graag zijn we wat vroeg. We hebben gelezen dat het laatste stuk dat bergachtig is, heel slecht kan zijn. Tot voor kort kon er alleen maar één richting verkeer over, wat inhield dat de ene dag verkeer de ene kant en de andere dag de andere kant op kan.
Het is al licht als we weg gaan(6:10 uur rijden we), we zien net een klein streepje van de nieuwe maan voor deze ondergaat.

Na nog een tijdje kalksteenrotsen die we zo mooi vinden, veranderd het landschap eerst nog vlak daarna regelmatig licht gloeiend. Er zijn veel rubberplantages. Dat verandert al gauw in bergachtig, we gaan een keten op, de Dawna Range.

voorbeeld rubber tappen

 hutje bij de rubberplantage
En de weg blijkt heel prima, vrij nieuw aangelegde ruime vierbaansweg de laatste 20 km. Er is veel vrachtverkeer, de grens Myawadi – Mae Sot is een heel bekende overgang, eigenlijk de enige echt grote tussen Myanmar en Thailand met al het verkeer en handel tussen Yangon en Bangkok gaat via deze route.
We zijn al om kwart over negen à half tien bij de grens en de formaliteiten gaan ook redelijk snel. We moeten een uitbreiding van ons visum met 9 dagen hebben en dat gaat soepel voor 3 dollar per persoon per dag – hetgeen ons steeds medegedeeld is, maar niemand gaf er uitsluitstel over toen we nog in Nederland waren. De immigratie officier rekent ons 54 dollar voor plus een dollar voor de kopieën die hij moest maken.
Dus al snel nemen we afscheid van de gidsen en de chauffeur en we lopen met onze rugzak over de brug over de Moei, Thailand in. De brug is in 1997 geopend en heet de “Friendship bridge” betaald door Thailand, lezen we halverwege. Mae Sot ligt op 160 7’ NB,  980 5’ OL.
Ook in Thailand loopt alles heel soepel bij de grens. Altijd even spannend en verlicht ademhalen als alles goed is gegaan. Voordat we naar Mae Sot gaan, informeren we nog naar het omwisselen van Myanmar Kyats naar Thaise Bhat. Er lopen geen geldwisselaars rond die ons aanschieten, wat we eigenlijk verwachten. Het is ook weekend. Kees krijgt een adresje halverwege naar Mae Sot. We besluiten eerst naar ons hotel te gaan. Dat gaat met een open minibus, “songthaew” waar we met plm. 15 mensen ingepropt zitten. Bij de markt van Mae Sot stapt iedereen uit. Op het heetst van de dag sjouwen we richting hotel. Een dame wijst ons de weg en we zoeken verder. Een meneer ziet ons zwoegen en biedt aan ons te brengen met zijn auto. We rijden een tijdje rondjes en uiteindelijk vinden we het Irawadee Resort, op de plek waar we in de auto van de meneer zijn gestapt.


Het hotel is mooi, luxe eigenlijk. Geheel in strijd met ons plan om na Myanmar eenvoudiger hotels te nemen, heeft Geer voor de eerste nachten een behoorlijk luxe verblijf uitgekozen gekozen. En dat is heerlijk.
bij het terras bij onze kamer


ons luxe bed

Uitpuffen en dan willen we de stad gaan verkennen. We keren snel op onze schreden terug: het is wel heel erg heet om half drie. We blijven dus een tijdje op de kamer en gaan eind van de middag een eindje lopen en ergens eten. We maken ook plannen voor de komende dagen en daarbij besluiten we niet met een songthaew 6 uur naar Umphang te gaan rijden, alleen omdat het zo’n mooie bergweg is.

zondag 26 februari
Rim Moei markt

Met een taxi terug naar de grens. Daar moet een mooie markt zijn. en tevens denken we daar het Myanmargeld dat over is te kunnen wisselen. De markt valt een beetje tegen, het is erg rustig en geld wisselen is er helemaal niet bij. Het is toch leuk om wat rond te lopen, om de Moei rivier  te zien en een zeer uitgebreide meubelstraat.
gedroogde garnalen op de Rim Moei markt

"prachtige" bloemen te koop, gemaakt van glas

 in de meubel verkoopstraat

de Moei rivier die de grens tussen Myanmar en Thailand vormt; 
je ziet op de “Friendship bridge” de vrachtauto’s de grens over gaan

 straat bij de grens
Wat Thai Wattanaram
We gaan op zoek naar de aanbevolen Wat Thai Wattanaram. Eerst lopen we langs een aftakking van de rivier, maar dat is niet goed. We zien slechte behuizing, hutjes en vragen ons af of daar misschien de vele vluchtelingen (Karen) wonen. Niemand kan ons wijzer maken, maar met behulp van de kaart en de Rough Guide vinden we toch – verder dan de gids zegt en de kaart laat zien een afslag en zelfs een bord naar de Wat. Het is een goede oefening wennen aan de warmte, dat zal de komende tijd zeker zo blijven, plm. 34 graden. En wij Hollanders er maar doorheen lopen op het heetst van de dag.

Enfin we vinden de tempel, gebouwd in 1857. Bij binnenkomst schalt luide blikkerige zang van een zangeres. Er is een feestje aan de gang, waarbij met traditionele instrumenten (precies dezelfde als in Myanmar) de zangeres wordt begeleid. Er zijn verschillende gebouwen.

overzicht van de tempel

 tempel die wij al typisch Thais vinden met de rode en 
bruine achtergrond en veel gouden krullen

muziek bij de ingang; traditioneel maar wel knetterhard

ook binnenin Thaise beelden

de liggende Boeddha

in dezee tempel zie je Myanmar en Thais schrift bij elkaar afgebeeld

Er is een overdekte liggende Boeddha en daarnaast 28 zittende Boeddha’s. nog een bijzonderheid is dat diverse opschriften zowel in het Myanmar als in het Thais zijn weergegeven. Dat zal in heel Mae Sot zo blijven, daarna is het afgelopen.
Misschien goed om te vermelden:
In Mae Sot staat veel in drie talen vermeld, nl. Thais, Myanmars en Engels. Dat zijn niet alleen drie talen maar ook drie verschillende alfabetten. Het Engels zoals bij ons 26 karakters, Myanmar hebben we geleerd 33 karakters en Thais 32.
Daarnaast zien we in de winkelstraat en op veel andere plekken het Chinese karakterschrift en het Chinees spreekt men onderling; meestal Kanton Chinees.
En dan zien we in de buurt van de Hindoe tempel en in de buurt van de Moskee ook nog het Sanskriet en het Arabisch met elk hun eigen alfabet.
Dit allemaal in een grens stadje van 40.000 inwoners. Over een mengsel van talen gesproken in een stad.
We lopen terug naar de grens en nemen daar een songthaew (ook wel tuk tuk zoals die open autootjes heten) terug naar Mae Sot en lopen van de markt naar het hotel. Tegen de avond, als het wat koeler wordt wandelen we nog het stadje door op zoek naar een ons aangeraden Canadees restaurant. We lopen veel te ver en weer terug. Lekker gegeten en gefilosofeerd over de verschillen die we zien tussen Myanmar en Thailand.

Wat tempels betreft: de eerste dag in Thailand valt direct op dat zo vlak over de grens de bouw al heel anders is dan in Myanmar. Moeilijk onder woorden te brengen, maar gelijk denken we aan tempels in Laos en Thailand van 3 jaar geleden:
  •        Vooral de kleur: veel goudkleur tegen bruine of roodbruine achtergrond i.p.v. alleen goud
  •        De goudfiguren zijn anders, meer kringels
  •        De toppen van de daken idem.
  •        Puntiger daken op de tempels. De daken zijn bijna altijd op 3 niveaus en eindigen altijd met de “slangendraaI”.
  •        En de daken zijn meer rode pannendaken, dat kennen we minder van Myanmar


Het zal niet altijd zo zijn, je komt in Myanmar ook bv. wel rode daken tegen, maar minder opvallend. De komende 6 foto’s geven het verschil weer.


dit is Myanmar: vooral veel goudkleurig

ook Myanmar

en de komende  vier foto’s geven het typische Thaise aan zoals wij dat tenminste ervaren


de "slangendraai"


maandag 27 februari
Onze dagindeling gaat in de richting van vroeg opstaan, ook als we niet met een gids of zo hebben afgesproken of met een bus mee moeten. En ’s middags een tijdje op de kamer om de ergste hitte te vermijden, dat bevalt ons goed. Al wordt het ook vandaag een uur of twee, drie voordat we aan onze siësta beginnen. We sjouwen een groot deel van de dag door Mae Sot.
Eerst even de geldwisselaar vinden. Dan naar de bushalte voor morgen. We hebben met het hotel goed afgesproken: zij bellen een taxi bij het ontbijt die ons naar het busstation brengt. We vinden het prettiger toch zelf nog even te verifiëren. Bij het zoeken komen we langs ene moskee en een Chinese tempel die nergens vermeld staan.


 moskee vlakbij Canadees restaurant


hal in de Chinese tempel


We bezoeken vandaag vijf Boeddha tempels in Mae Sot, vier voor de siësta en de vierde eind van de middag. Ze worden nergens beschreven en zijn niet allemaal eenvoudig te vinden. Bovendien helpt vragen weinig. We komen tot de conclusie dat Mae Sot wel wat meer aan promotie mag doen. Er zijn mooie tempels te zien, maar er gaat eigenlijk niemand heen.


Wat Mani Phrai Son

Bij aankomst valt het witte gebouw met gelaagdheid op, het lijken verdiepingen, die ons aan Hindoe tempels doen denken. Maar net als in Myanmar blijken er toch allemaal Boeddhaatjes in de “koekoek” raampjes te zitten. Deze tempel is nog in de maak en/of restauratie, er wordt druk  gewerkt. Nogmaals: wij verwonderen ons erover dat zo dicht bij de grens, de tempels er zo anders uitzien.

 de Mani Phrai Son

de Hindoe-achtige top met “verdiepingen”

in de tempel lange rijen met kleine Boeddha’tjes

een zwarte Boeddha

  buiten een tijger met monnik


 vlakbij de tempel een mooi verkeersteken
Donchai Temple

Ook dit is weer een groot complex. Het duurt even voordat we hem vinden, maar gelukkig lukt het, want dit is misschien wel de mooiste van vandaag.

 overzicht

de Thais aandoende tempel: de daken, de gouden krullen, de donkerrode achtergrond

idem


versiering aan de buitenkant: zie de rij vogels

Bodhisattva's en mooie luiken

 binnen in de tempel


 nog een mooi plaatje: donkere Boeddha’s en gouden olifanten
Wat Mae Sot

Ook hier weer een liggende Boeddha

de ingang

hier zilverachtige daken, naast gouden

een grote balzaal

 en nog eens een liggende Boeddha
Wat Gnum-Pol

We komen door een erepoort en lopen een paadje naar de tempel, waarvoor stalletjes voor de verkoop staan. Een flinke stupa, een donkere Boeddha en weer heel wat gebouwen.



zwarte Boeddha
Wat Ahun Ya Kat

Tegen de avond met mooi licht bezoeken we deze tempel die het dichtst bij ons hotel is. Mooie tierelantijnen en dus weer heel erg anders dan in Myanmar.







We lopen verder door de straat en komen bij een eettentje, daarna terug naar het hotel en pakken, morgenvroeg gaan we naar de bushalte.

We hebben een goede indruk van Mae Sot, de grensplaats, leuk stadje. Met een fantastische markt die we te weinig eer aan doen, maar waarvan we wel de heerlijke mango’s eten.