Vandaag varen we terug naar Mandalay,
over de ons inmiddels bekende Ayeyarwady rivier, de belangrijkste van het land.
Al om kwart voor vijf worden we door de taxi opgehaald en naar de jetty
gereden. Mr. Win begeleidt ons en we nemen bij de kade hartelijk afscheid van
gids en chauffeur. Met de rugzakken op door het zand een pad naar beneden en we
gaan aan boord. Grappig is hoe we daarbij geholpen worden. Er is een loopplank.
De leuning wordt gevormd door een stok die twee bemanningsleden vasthouden, een
levende leuning dus.
De boot is niet zo heel groot, voor een
man of 40. We zijn maar met een ca. 14 mensen, dus we hebben alle ruimte.
we
varen met zo’n boot
op het bovendek
een marionet over een geest bij de bar
De tocht is 214 km en beneden hangt een
kaartje.
kaartje van de tocht
zonsopgang
stroming
Nog in het donker varen we om
half zes weg. Het is het droge seizoen dus de waterstand is laag, betonning is
er niet maar de schipper weet welk gedeelte hij langs welke oever moet varen.
Op die oever zet hij zijn schijnwerper en houd een bepaalde afstand.
Rond kwart over zes begint het
duidelijk lichter te worden en we zien de zonsopgang (6.40) op het bovendek. De
zon komt op als we de langste brug van Myanmar naderen die oost en west met
elkaar verbindt over de Ayeyarwady rivier (Irrawady). Het is de Pakokku
Ayeyarwady Bridge met de 3,45 kilometer lengte de langste brug in Myanmar over
de grootste rivier. Het is helemaal niet koud, we zullen bijna de hele tijd
boven doorbrengen. Beneden wordt gebruikt voor mensen die willen slapen, het
zijn gemakkelijke stoelen. En voor Geer die een keer de computer wil opladen;
ze werkt wat aan de blog tijdens de mooie reis.
Er zijn twee schippers/kapteins
die elkaar om de twee à drie uur afwisselen. Ze varen zigzaggend over de rivier
steeds zoekend welke kant de grootste diepgang heeft. Voor een deel varen ze
ook op GPS en kijken of de koers van gisteren klopt. De koers van enkele
voorgaande dagen wordt opgeslagen en deze voor een deel gevolgd. Er is overigens geen kaart van de rivier, het is de GPS
lijn op een witte ondergrond.
Af en toe zie je ze ook naar de
zgn. V-zoeken.
Op een aantal punten is het
behoorlijk druk om met z’n allen door een nauwere doorgang te gaan.
De grotere schepen gebruiken een
van twee methodes en vaak beide:
- 1. Voor op het schip staan twee à drie man aan weerszijde en wordt er continu gepeild met een peilstok van bamboe waarop de diepten met rood witte strepen staan aangetekend. Eenmaal moet ons schip behoorlijk inhouden omdat een grotere in te ondiep water is terecht gekomen en bij het achteruitslaan een beetje dwars op de stroom komt.
- 2. Een kleine boot zoals er veel varen met de schroef lang naar achter vaart ca. 50 meter voor een grootschip uit en peilt voortdurend. Beide staan in contact met walkietalkies.
En zoals gezegd we zien beide.
Zowel een klein schip vooruit als tegelijkertijd zelf ook peilen.
Regelmatig zien we twee bootjes
aan elkaar gebonden met een hele stellage erop en een derde er naast. Dit zijn
kleine zandzuigers, die zand opzuigen om naar de wal te brengen. Of het zijn
vissersschepen. Die zijn meestal iets kleiner. Dan zuigen
ze water op van de bodem en op die manier worden garnalen en kleine
vissen gevangen die uiteraard naar de markt gaan.
baggeren met kleine bootjes
houtvervoer
Ik, Kees, blijk de enige te zijn
die wel in het manoeuvreren geïnteresseerd is.
Hij maakt contact met de stuurhut, is daar een keer of vier een poosje geweest
en laat zich dingen uitleggen met handen en voeten en een halve tolk. Ze vonden
de belangstelling heel leuk; goed gelachen als we elkaar begrepen.
in de stuurhut
Overigens de instrumentatie was heel
beperkt. De GPS met de vorige route, geen kaart daarbij, alleen de lijn die zij
hadden gevaren. Kompasje, de toerentellers van de twee onafhankelijke motoren
en de dieptemeter maar die was al een tijdje kapot vertelden ze. Daar moesten
de kapiteins het mee doen.
We “kruisen” de rivier over van buitenbocht
naar buitenbocht. Soms haaks op de rivier langs de rand waar je het water van
een plaat ziet stromen of waar je wat rotsen met bv. de aalscholvers op ziet.
Eenmaal: motoren stil, kapitein loopt
naar achter. Jawel: visnet met draad in de schroef. Gelijk komen er wat vissers
van de kant naar de boot toe een bootje of vijf à zes. Gelukkig is het juist op
een rustige plek, de boot kan wat wegdrijven zonder dat we verder in
moeilijkheden geraken. Het lukt aanvankelijk niet om het net met draad los te
trekken. Twee matrozen stappen over boord, beide met behoorlijke messen. Steeds
even rusten en daarna diep adem halen, gaan ze om de beurt naar de schroef toe.
Na een poging of tien is de draad verwijderd. Ik zie dat de kaptein de vissers
ca. 15.000 kyats geeft, ca. 10 Euro. Smartengeld of Smeergeld om van verder gedoe af te
zijn.
Ook merken we enkele keren dat de boot
de grond raakt en dan even op halve kracht vaart. De kaptein legt me uit dat
bij volle belasting van de motoren de boot van voren iets omhoog komt en dus
vanachter iets dieper komt te liggen, een soort planeren. Door de snelheid
terug te nemen heeft hij iets minder diepgang en kan dan net terug sturen naar
meer water.
Langs de kant zien we allerlei
activiteiten naast vissen ook dat hele stukken uiterwaarden bebouwd worden. Het
zijn vooral allerlei bonen, bloemkool en pinda’s die het goed op de banken
doen.
Op het water vielen ons m.n. een aantal
boten op die met dikke boomstammen Teakhout de rivier afzakte of met kookpotten
de rivier opgingen. Er varen ook veel bakken die door een sleepboot worden
geduwd. Echter in EU kennen we vooral een boot die achter de bak ligt en deze
recht voor zich uitduwt. Hier ligt de sleepboot meestal aan de rechterkant van
de bak tot ca. halverwege. De bak is dan aan de sleepboot vast gemaakt en een
tweede kabel loopt van de linkerkant van de bak naar de achterkant van de
sleepboot. De hoek tussen draad en boten is ca. 45 graden. Mijns inziens moet
je op deze wijze steeds bijsturen om recht te varen.
Het blijft levendig op het water en
langs het water.
Rond vijf uur bereiken we Amarapura de
zon zakt rap. We zien de mooie heuvel aan de andere kant van Mandalay die
volstond met stupa’s en pagodes en zien nu vanuit het water hoe mooi die heuvel
aan de rivier ligt. We varen onder de twee bruggen door die bij Mandalay over
de Ayeyarwady rivier (Irrawaddy) geconstrueerd zijn en meren af bij dezelfde
plek als waar vandaan we eerder naar Mingon voeren.
ibissen in de vlucht
aalscholvers
zandbanken
duwboot
vaak afgekalfde stukken wal
Potten vervoer
vaak een stupa onderweg
vlak onder Mandalay waar we 10 dagen geleden waren;
hier een grote Boeddha die we toen niet zagen
de berg waren en vandaar de vele stupa’s en pagodes zagen,
nu vanaf het water een mooi overzicht
een boot met huizen? We komen er niet achter als we het vragen,
het iets geheims of hebben we taalproblemen?
huizen van gras
alweer een zonsondergang
hier landen we om zes uur
We rijden terug
naar het ons bekende hotel. Frissen op en gaan naar het vertrouwde “a little
bit of Mandalay” en daarna vroeg naar bed. Morgen weer kwart of vijf naar het
station voor de treinreis naar Yangon.
























Geen opmerkingen:
Een reactie posten